Foto voor website,Fotograaf Haarlem,Fotograaf Amsterdam,Portretfotograaf Haarlem,zakelijke fotograaf, website fotografie, fotograaf gezocht,

Tine wil bij haar vriendje zijn

verslaafden haarlem

Vanmorgen zag ik Tine lopen in de stad. Tine ken ik van mijn werk als vrijwilliger bij Stem in de Stad op de Nieuwe Groenmarkt in Haarlem. Eten opscheppen voor de dak- en thuislozen was mijn taak en meestal at ik daarna mee aan een tafel. Het doel om ze te fotograferen lukte meestal wel na een gesprek of twee. Interessante gesprekken vaak. Zo ontmoette ik ook Tine. Zij was vrij jong en zag er op haar manier best mooi uit. Lang donker haar, spitse neus, lieve uitstraling en totally verliefd op Bert met wie ze altijd binnenkwam. Bert en zij hadden meerdere overeenkomsten en een daarvan was dat ze allebei verslaafd waren. Bert kon niet buiten de naald en Tine koos voor de drank.
Af en toe kwam zij binnen onder de blauwe plekken of een blauw oog, een kadootje van Bert, zijn handjes zaten nogal los.

Hoe gek zij ook was op Bert, haar vorige vriendje had ook nog een grote plek in haar hart. Zijn kleine foto hing aan de wand met overledenen. Als Tine weer eens beschonken binnenkwam liep zij naar de foto en snikte dat ze zo graag bij hem wilde zijn. Hij was het jaar daarvoor gevonden in de toilet van MacDonalds op de Grote Markt, de naald met de overdosis nog in zijn arm.

Op een woensdagavond kwam Tine binnen met haar arm in het verband. Huilend vertelde zij dat Bert bij haar in huis gebruikt had en de naald in de prullenbak in de wc had gegooid. De afspraak was dat hij nooit bij haar in huis zou gebruiken dus kregen ze een felle woordenwisseling. Tine vroeg uiteindelijk aan hem of hij haar een shot kon geven, zij wilde immers voelen wat hij nu voelde. Bert haalde de naald uit de prullenbak en stak hem in haar arm.

De naald brak af en stak in haar arm. Totale paniek sloeg toe en ze zijn zo goed als dat ging naar de Eerste Hulp gefietst, waar de naald onder narcose uit haar arm gehaald is.
Daar zeiden ze dat ze veel geluk had gehad. Als de naald in haar bloedbaan terecht was gekomen, had ze nu niet meer geleefd.

Iedere keer daarna als ik haar zag snikken bij de foto van haar overleden vriendje dacht ik, was het niet beter geweest .....

 

Straatjournaal | Dak - en thuislozen gaan de hort op

Tekst : Straatjournaal | Jessica Hoogenboom (hoofdredacteur Straatjournaal)
Fotografie : Heidi Borgart

Straatjournaals daklozenuitje staat weer voor de deur! Dit jaarlijkse tripje (13de editie) staat open voor dak- en thuislozen uit het verspreidingsgebied van de Haarlemse daklozenkrant. Eindbestemming van dit bonte gezelschap: geheim! Nieuwsgierig? In haar septembereditie doet Straatjournaal verslag van deze jaarlijkse feestdag.

De dak- en thuisloze deelnemers vertrekken op dinsdag 12 augustus om 11.45 uur met een grote tourbus vanaf het voormalig distributiepunt van Straatjournaal aan de Gasthuisvest 47a te Haarlem. Vanaf 11.15 uur staat de koffie klaar en wordt de feeststemming flink opgestuwd door organisator Cees-Luuk Lindeboom, die dit jaar voor het laatst als reisleider van dit bonte gezelschap zal optreden. Rond 21.00 uur is het programma afgelopen.

Het programma van dit 13de uitje is zoals altijd zeer divers én strikt geheim. Vorig jaar werden de 70 deelnemers getrakteerd op een feestelijke rondvaart door de binnenstad van Haarlem, gevolgd door een prachtige ‘onderwaterfilm’ in het Haagse Omniversum, een luxe lunch aan zee en een uur bowlen in Amsterdam. De feestdag werd afgesloten met een verrukkelijk diner bij Grandcafé La Belle in IJmuiden.

Dit uitje wordt de laatste editie van Straatjournaal-ambassadeur Cees-Luuk Lindeboom (72). Sinds 2003 organiseerde hij elk jaar een spetterend ‘personeelsuitje’ voor zijn collega’s.

Deze voormalig reisbureaudirecteur uit IJmuiden raakte halverwege de jaren negentig dakloos, maar kwam er weer bovenop door de verkoop van Straatjournaal.

Het allereerste daklozenuitje van Straatjournaal had overigens plaats tijdens het lustrum van de straatkrant. Zo kwam in 2001 de droomwens van een van de verkopers uit: met z’n allen naar Texel. Sindsdien is de jaarlijkse feestdag een zeer gekoesterde traditie onder de dak- en thuislozen uit het verspreidingsgebied van de Noord-Hollandse straatkrant.

In 2009 mocht Stichting Straatjournaal de Wisseltrofee van de Landelijke Vereniging Thuislozen (LVT) in ontvangst nemen voor haar jaarlijkse inzet: Straatjournaal is de enige Nederlandse straatkrant die ieder jaar een uitstapje voor dak- en thuislozen organiseert.

Expositie in woord en beeld

martin van de esschert

Vorig jaar heb ik een fotoproject geexposeerd op verschillende plekken in Haarlem. Onder andere bij het NoordHollands Archief, de Openbare Bibliotheek, de Grote Bavo op de Grote Markt en daarna nog op diverse plekken in de stad.

Voor deze expositie heb ik een aantal dak- en thuislozen mensen begeleid met het in beeld brengen van hun eigen leefomgeving. het doel was om de leefwereld van dak- en thuislozen in Haarlem wee te geven en delen met de inwoners van de stad Haarlem om de leefwereld van deze groep meer zichtbaar te maken en het negatieve imago rond dak- en thuislozen te verzachten. Subdoel was dak- en thuislozen stimuleren, activeren en laten participeren in een project met een door hun zelf verwezenlijkt en tastbaar eindresultaat waar ze trots op kunnen zijn.

Dat heeft een serie beeldverhalen opgeleverd waarin ieder zijn eigen gevoel over verhuizen en zwerven van plek naar plek, geborgenheid, beschutting, en thuisvoelen ervaart. De verhuizing van ‘Stem in de Stad’ naar een nieuw onderkomen aan de Nieuwe Groenmarkt 22 vormde de aanleiding voor deze serie beeldverhalen. De beeldverhalen vormen voor de dak- en thuisloze mensen die aan dat project hebben meegewerkt een tastbaar en persoonlijk ‘zelfportret’, dat door sterke betrokkenheid en motivatie tot stand gekomen is. Naast deze expositie vormt een serie portretten die ik maakte van dak- en thuisloze mensen de basis voor een gepersonaliseerd gedicht van straatdichter Martin van den Esschert.

Stem in de Stad is een centrum op de Nieuwe Groenmarkt waar dak- en thuisloze mensen overdag terecht kunnen voor (gratis) koffie en thee. Drie keer in de week kan er (gratis) warm gegeten worden. Bij deze gelegenheid ben ik gaan werken. Eerst het eten opscheppen om zo een beeld te krijgen wat er zoal binnenkwam. Daarna ben ik aan tafel gaan zitten en gaan praten met de (overwegend) mannen.

Het viel niet mee om er tussen te komen. Het duurde wel even voordat ik het vertrouwen had. Maar toen dat eenmaal zover was kreeg ik de meest indringende verhalen te horen. Daarna vroeg ik vaak of ik buiten een foto van ze mocht maken.

Regelmatig waren er opstootjes, de meesten hebben een kort lontje. Twee gasten vlogen elkaar een keer aan terwijl ik er net tussenin zat. Af en toe ging het er heftig aan toe. Ik zou er columns vol van kunnen schrijven wat ik daar meemaakte, soms beangstigend, er was geen enkele bescherming zodra ik mijn voet daar buiten de deur zette. Maar voor mij was het heel belangrijk dat ik die portretten maakte. Het ging me niet alleen om de doorgeleefde koppen – ook het verhaal erachter interesseerde me. Hoe komt het dat iemand dakloos is geworden, wanneer ben je drugs gaan gebruiken enz. Ik ging vrij ver hierin: er kwam regelmatig een man die mij intrigeerde. Hij woonde al 1,5 jaar in een tentje op een geheime plek, niemand vertelde hij waar hij kampeerde. Ik wilde zo graag daar foto’s maken, en ben iedere keer als ik hem zag gaan vragen of ik alsjeblieft een keer langs mocht komen met mijn camera. Uiteindelijk na een paar maanden mocht het.

Hij stond ergens langs de snelweg, het was koud/nat en toch voelde ik veel warmte in zijn tentje. Hij had het op zijn manier gezellig gemaakt, er hing kerstversiering die hij bij de vuilnis had gevonden en had diverse lampjes en kaarsjes aanstaan. Hij liet foto’s zien van zijn zoon die hij niet mocht zien en vertelde ondertussen zijn levensverhaal.
Of het verhaal klopte of niet, ik ging redelijk ontdaan weg. Alles wat hij verteld had en de manier van overleven greep me aan.
Uiteindelijk is het redelijk goed gekomen met hem, hij kreeg een woning aangeboden en doet het nu heel goed. Hij is kilo’s aangekomen en is enorm positief over de toekomst.

Regelmatig ga ik nog even koffie drinken bij Stem in de Stad of ik kom daar binnen omdat de redactie van het Straatjournaal daar zit – daar maak ik reportages voor.

Nog steeds heb ik goed contact met de ‘doelgroep’ zoals ze dat noemen en schuif ik even aan voor een gesprek.

Het maakt mij niet uit of ik een directeur van een bedrijf ga portretteren of een dakloze man/vrouw. De overeenkomsten zijn misschien wel groter dan de verschillen.

Enkele reacties die in het boek stonden bij de expositie:

‘ Het is heel super prachtig geworden. Hoe kan iemand hier onaangedaan bij blijven ! Mooie beelden – mooie woorden “moet” heel groot naar buiten ‘.Tinelou van der Elsken

‘ Woord en gezicht geven mensen. Dat zag ik weer vandaag ‘.
Jan Plugbos

‘ Dat er meer is als je ziet – leer je door op een andere manier te kijken ‘
Martin vd Esschert – Straatdichter

‘ Mooie tentoonstelling ! Het is alsof je in de huid van de persoon kruipt ‘.
Lisa 13 jaar

Nog Steeds geen cent te makken

Reportage gemaakt voor het Straatjournaal in september 2011. Helaas nog steeds zeer actueel onderwerp.

Tekst : Ivanka Eggly

Een dinsdagmiddag in augustus. In Het Open Huis in Haarlem doet een vrijwilliger de deur van een lokaaltje open. Tientallen mensen drommen naar binnen. Gelaten, met afgetobte gezichten, staan ze in de rij en ontvangen hun krat met voedselproducten op vertoon van een ID kaart. Twee vrijwilligers delen de boodschappen uit en strepen namen af op lijsten. Het is een van de acht uitgiftepunten van Voedselbank Haarlem en Omstreken, dat is ondergebracht in een voormalig schoolgebouw in Schalkwijk - waar verschillende kerkdiensten en maatschappelijke activiteiten worden georganiseerd.

Een jonge vrouw met lang krullend haar laadt de producten uit de krat over in haar tas. Ze heet Louise, vertelt ze, ze is zesentwintig jaar en maakt nu ruim een jaar gebruik van de voedselbank. "Ik kom uit Angola, daar ben ik alles en iedereen verloren door de oorlog. op de vlucht ben ik door het ICRC (Internationale Rode Kruis) opgevangen en uiteindelijk in Nederland beland. Dat was tien jaar geleden. Ik heb in een asielzoekerscentrum gezeten en toen ik daar uit moest zwierf ik even op straat. Ik wist niet waar ik naartoe moest. Ik sprak geen Engels of Nederlands. Gelukkig heb ik nu een kamer in Haarlem. Helaas mag ik niet werken, niet studeren en niet op vakantie, omdat ik nog steeds geen verblijfsvergunning heb. Dit - ze wijst om zich heen - is de enige plek waar ik heen kan. Ik heb hier een familie gevonden, ik heb geen klagen."  Louise huilt zachtjes.

Toen de eerste voedselbank in 2002 werk opgericht in Rotterdam, riep iedereen er schande van. In Nederland leden mensen toch geen honger ? Het bleek dat niet iedereen, om wat voor reden dan ook, zich regelmatig een uitgebalanceerde maaltijd kon veroorloven. Maar daar werd niet openlijk over gesproken; veel mensen schaamden zich ervoor. De voedselbanken hebben dit taboe doorbroken.

Toch is het voor met name ouderen nog altijd moeilijk de stap naar voedselhulp te nemen, weet Hans Debats, voorzitter van Voedselbank Haarlemmermeer. "Wij houden ons uitdeelmoment in Hoofddorp daarom op marktdagen. Omdat mensen de spullen gewoon in hun eigen boodschappentas overladen, kunnen buren bij thuiskomst niet zien dat iemand een voedselpakket heeft gehaald. 

Een Marokkaanse vrouw in de rij bij Voedselbank Haarlem: "Ik schaam me niet meer om hier een voedselpakket te halen". Ze vist een rolletje snoep uit het krat, en geeft haar drie zoontjes ieder een zoetigheid. "De eerste keer wel, want in mijn gemeenschap spreken mensen daarover. Maar ik ben alleenstaand en heb weinig geld, dus nu denk ik: waarom niet? Met een pakket doen we gemiddeld zes dagen en ik houd zo geld over voor mijn kinderen en voor bijvoorbeeld kabeltelevisie. Daarbij is het leuk om hier te komen. Ik ben alleen in Haarlem en in Het Open Huis ontmoet ik aardige mensen."

Volgens Anga Veldhuizen van Voedselbank Haarlem zijn voedselbanken niet meer weg te denken uit onze maatschappij: "Er is altijd een groep die hulp nodig heeft. Dat zijn de mensen die niet alleen financiele problemen hebben, maar ook psychische en/of sociale problemen. In deze moderne tijd willen we dat het liefst verstoppen, maar dat kan gewoon niet meer."

"We hebben een verjaardagspakket voor de kinderen: hieperdepiepdoos"

Schrijfster 36 uur dakloos – “Tussen deze mensen en mij zit maar één tegenslag”

straatjournaal reportage Lydia rood

Lydia Rood vroeg zich af hoe is het om anno 2014 dakloos te zijn. Dakloze Henk (65) wierp zich spontaan op als haar gids in de Haarlemse daklozenwereld. In het februarinummer van Straatjournaal schrijft Lydia Rood indringend over haar daklozenbestaan voor twee dagen én een nacht. Ik mocht de foto’s maken vindt dit soort opdrachten altijd erg mooi om te doen.

Dakloze Henk (65) leidt schrijfster Lydia Rood (56) uitgebreid rond in de Haarlemse daklozenwereld. Hij laat haar kennismaken met de mensen die hun dagen noodgedwongen doorbrengen bij de Dagopvang van het Leger des Heils aan de Magdalenahof. Hij neemt haar mee naar het Aanloopcentrum van Stem in de Stad aan de Nieuwe Groenmarkt, waar ze weer anderen ontmoet. En natuurlijk komt ze ook mensen tegen op straat, in de binnenstad en in het Kenaupark.

Gedurende deze twee dagen ben ik met ze meegegaan, eerst naar de Dagopvang waar het niet makkelijk was met camera binnen te komen ivm de privacy. Daarna gingen we naar Stem in de Stad waar het altijd overdag gezellig is en er altijd iemand is waar je een gesprek mee kan voeren. De nachtopvang had ik graag naar binnen gewild maar dit mocht niet, helaas maar wel begrijpelijk.

Bij de Nachtopvang van het Leger des Heils komt Lydia Rood erachter dat iedereen dakloos kan worden: niet alleen de werkloze, gescheiden man, maar ook de bouwondernemer die failliet ging en in één klap zijn huis-met-zwembad kwijtraakte. “Tussen deze mensen en mij zit maar één tegenslag”, realiseert ze zich. Slapen op de vrouwenzaal bij het Leger des Heils is een geheel nieuwe en niet onverdeeld positieve ervaring voor de schrijfster…
“Ik slaap best lekker. Tot er opeens iemand op me klimt en worstelt om mijn telefoon te pakken.”

Volgens Lydia werd het een onvergetelijke belevenis voor haar.
Voor mij waren het bekende plekken omdat ik tijdens het maken van de foto’s voor mijn expositie ook regelmatig bij de Dagopvang en Stem in de Stad kwam. Maar iedere keer raken de verhalen mij, de ene dag zijn ze blij omdat ze een nieuw onderkomen gevonden hebben en de volgende dag zitten ze trillend aan een tafel omdat het niet doorgaat ….

Opdrachten voor het Straatjournaal doe ik graag, ze leveren altijd iets op of dat nou een mooi beeld is of een verhaal.